Kitten benodigdheden: de checklist met alles wat je nodig hebt voor je kitten

In dit artikel
- Checklist kitten benodigdheden (om te printen)
- Voordat je kitten komt
- De spullen voor je kitten, per onderdeel
- Dierenarts, vaccinaties, ontwormen en chip
- Later: als je kitten groter wordt of naar buiten gaat
- Komt je kitten bij een kat die je al hebt?
- Wat kost een kitten het eerste jaar?
- Wat je (nog) niet nodig hebt
- Veelgestelde vragen
Voor een kitten heb je op de eerste dag zeven dingen nodig: een reismand, kittenvoer, een voerbak en een waterbak, een kattenbak met vulling en schepje, een slaapplek, iets om op te krabben en een paar speeltjes. In de eerste week komt daar een bezoek aan de dierenarts bij. Een kattenluik, tuigje of gps-tracker koop je pas later, als je kitten groter is of naar buiten gaat. Hieronder staat alles op een rij, met per onderdeel wat je kiest en waarom, en een checklist die je kunt printen.
Dit artikel bevat partnerlinks Hoe zit dat?
Katdootje krijgt een kleine vergoeding als je via een link in dit artikel iets koopt. Dat kost jou niets extra en bepaalt niet wat we aanraden.
In het kort
- Klaar voor de eerste dag: reismand, het voer dat je kitten nu al krijgt, voerbak en waterbak, kattenbak met lage instap, vulling en schepje, een mand of kleed, een krabplank of lage krabpaal en een paar speeltjes.
- In de eerste week: langs de dierenarts (het LICG zegt binnen 48 uur), de papieren nalopen en de chip op jouw naam zetten.
- In de maanden daarna: de vaccinaties afmaken, ontwormen volgens schema, castreren of steriliseren rond 4 tot 6 maanden. Pas daarna mag je kitten naar buiten.
- Kosten: volgens het LICG kost een kat zonder stamboom het eerste jaar gemiddeld ongeveer € 1.935, inclusief aanschaf.
Checklist kitten benodigdheden (om te printen)
Print deze lijst of zet hem op je telefoon. De laatste kolom is om af te vinken.
| Wanneer | Wat | Waar let je op | Klaar |
|---|---|---|---|
| Eerste dag | Reismand | Stevig, met een opening aan de bovenkant. Je hebt hem al nodig om je kitten op te halen. | |
| Eerste dag | Kittenvoer | Eerst hetzelfde voer als bij de fokker of het asiel. Volledig voer voor kittens. | |
| Eerste dag | Voerbak en waterbak | Minstens twee bakjes, niet naast de kattenbak. | |
| Eerste dag | Kattenbak, vulling en schepje | Lage instap, ruim genoeg. Bij een jong kitten niet-klontvormende vulling. | |
| Eerste dag | Slaapplek | Mand of kleed op een rustige plek. Maat voor een volwassen kat, met een dekentje erin. | |
| Eerste dag | Krabplank of lage krabpaal | Plat krabkarton en een stabiele paal. Later een hogere erbij. | |
| Eerste dag | Speeltjes | Een hengel, balletjes en iets om op te jagen. Touwtjes alleen onder toezicht. | |
| Eerste dag | Kittenproof huis | Snoeren weg, kiepramen dicht, giftige planten weg, wasmachine dicht. | |
| Eerste dag | Papieren | Koopcontract, dierenpaspoort of vaccinatiebewijs, ontwormingsdata, chipnummer. | |
| Eerste week | Dierenarts | Eerste controle, vaccinatieschema afspreken, vragen naar ontwormen en vlooien. | |
| Eerste week | Chip registreren | Chip op jouw naam zetten in een databank die aan chipnummer.nl gekoppeld is. | |
| Eerste week | Borstel en nagelknipper | Kort wennen aan borstelen en pootjes vasthouden. | |
| Eerste week | Tweede kattenbak | Eén bak per kat plus één extra, zodra je kitten meer van het huis mag zien. | |
| Eerste week | Verzekering (als je die wilt) | Afsluiten na het eerste dierenartsbezoek. | |
| Later | Vaccinaties | Rond 12 en 16 weken, herhaling tussen 6 en 12 maanden. | |
| Later | Ontwormen | Maandelijks tot 6 maanden, daarna volgens advies van je dierenarts. | |
| Later | Castreren of steriliseren | Meestal tussen 4 en 6 maanden. | |
| Later | Hogere krabpaal of kattenboom | Zodra je kitten over de kleine paal heen groeit. | |
| Later | Kattenluik met chip | Pas als je kat naar buiten mag. | |
| Later | Tuigje of gps-tracker | Tuigje kan binnen al. Een gps-tracker pas als je kat zwaar genoeg is. | |
| Later | Overstap naar volwassen voer | Rond 12 maanden. Bij een Maine Coon of Noorse Boskat rond 15 maanden. |
Voordat je kitten komt
Hoe oud is je kitten bij het ophalen?
Volgens de wet mag een kitten vanaf 7 weken bij zijn moeder weg. Het LICG (het Landelijk InformatieCentrum Gezelschapsdieren) vindt dat te jong en raadt minstens 13 weken aan. Stamboekverenigingen laten raskittens meestal ook pas vanaf 13 of 14 weken verhuizen. In die laatste weken leert een kitten van zijn moeder en nestgenoten hoe een kat zich gedraagt, en hij krijgt er zijn eerste vaccinaties.
Wat je meekrijgt
Het LICG noemt deze papieren. Vraag erom als ze er niet bij zitten:
- een ondertekend koopcontract of overdrachtsovereenkomst
- een dierenpaspoort of vaccinatiebewijs met de prikken die al gegeven zijn
- wanneer je kitten is ontwormd en met welk middel, en of hij tegen vlooien is behandeld
- het chipnummer en of de chip al geregistreerd is
- bij een raskat de stamboom of inschrijving in het stamboek
Vraag de fokker of het asiel ook welk voer je kitten krijgt, hoe vaak hij eet en welke vulling er in de bak zit. Royal Canin raadt aan om een paar dagen van tevoren een dekentje of speeltje bij het nest te laten liggen. Neem dat mee naar huis, de vertrouwde geur helpt bij het wennen.
Je huis kittenproof maken
Een kitten van drie maanden kruipt overal in en kauwt op alles. Loop je huis een keer door op kniehoogte. Royal Canin en Univé noemen deze punten:
- Snoeren en opladers wegwerken, stopcontacten afdekken.
- Kiepramen en schuifdeuren goed dichthouden. Een kitten kan in een kiepraam klem komen te zitten.
- Medicijnen en schoonmaakmiddelen in een dichte kast.
- Elastiekjes, naalden, paperclips, plastic zakken en lintjes opruimen.
- Wasmachine, droger en wc dichthouden en de trommel controleren voordat je hem aanzet.
- Koordjes van gordijnen en jaloezieën hoog ophangen.
- Giftige planten weghalen. Lelies zijn voor katten levensgevaarlijk. Een lijst vind je in ons stuk over giftige planten voor katten.
Richt daarnaast één rustige kamer in voor de eerste dagen, met de mand, de kattenbak, voer, water en speelgoed. Daar laat je je kitten eerst wennen voordat hij de rest van het huis ontdekt.
De spullen voor je kitten, per onderdeel
Kittenvoer
Geef de eerste week hetzelfde voer dat je kitten bij de fokker of in het asiel kreeg. Een verhuizing is al spannend genoeg voor zijn maag. Daarna stap je in ongeveer een week over op het voer dat jij kiest. Kies een volledig voer voor kittens, want een kitten heeft meer energie, eiwit en calcium nodig dan een volwassen kat. Een kitten tot zes maanden eet minstens drie keer per dag. Koemelk geef je niet, veel katten verdragen de lactose slecht.
Welk voer we aanraden, hoeveel je geeft en wanneer je overstapt, lees je in onze gids over het beste kittenvoer. Wil je natvoer en brokjes combineren, kijk dan ook bij het beste natvoer voor katten en wanneer je een kat eten geeft.
Voerbak en waterbak
Je hebt er minstens twee nodig: één voor voer en één voor water. Royal Canin raadt aan ze niet naast de kattenbak te zetten. Katten eten en drinken liever op afstand van hun toilet. Een tweede waterbak ergens anders in huis helpt een kat om meer te drinken.
Kies een lage, brede bak die stevig staat. Een klein kitten moet er makkelijk bij kunnen en de bak moet niet wegschuiven als hij eet. Keramiek en roestvrij staal zijn zwaar genoeg om niet om te vallen en kunnen in de vaatwasser. Was de voerbak elke dag en ververs het water minstens één keer per dag. Hoeveel een kat ongeveer drinkt, lees je bij hoeveel water drinkt een kat.
Kattenbak, vulling en schepje
Bij een kitten tellen drie dingen. De instap moet laag zijn, zodat hij er zelf in en uit kan. De bak moet ruim zijn: International Cat Care houdt als vuistregel anderhalf keer de lengte van een volwassen kat aan, zonder staart. Een kitten groeit daar binnen een paar maanden in. En je hebt er genoeg nodig: één bak per kat plus één extra. Zet de eerste bak in de kamer waar je kitten de eerste dagen woont. Zodra hij meer van het huis mag zien, komt de tweede bak op een andere rustige plek.
Voor de vulling geldt: jonge kittens proeven soms van hun vulling. Veel dierenartsen raden voor heel jonge kittens daarom een niet-klontvormende vulling aan. Gebruik eerst de vulling die je kitten al kent en vraag je dierenarts vanaf wanneer je kunt overstappen. Alle soorten naast elkaar vind je in onze gids over de beste kattenbakvulling. Twijfel je tussen hout en silica, lees dan ook kattenbakvulling houtkorrels en silica kattenbakvulling.
Een schepje heb je elke dag nodig. Schep minstens één keer per dag de plas- en poepklonten eruit. Dat houdt de bak fris en je ziet meteen of er iets afwijkt aan de ontlasting. Ruikt de bak toch, dan helpt ons stuk over een kattenbak die stinkt.
Komt er een Maine Coon of Noorse Boskat in huis, koop dan meteen een grote bak. Welke maten passen, lees je bij de beste kattenbak voor een Maine Coon.
Slaapplek
Een kitten slaapt volgens Royal Canin zo'n 20 uur per dag. Hij zoekt daarvoor een warm, beschut plekje, liefst wat hoger en in de buurt van jou. Koop geen dure mand op kittenmaat. Een kitten groeit hard. Neem de maat voor een volwassen kat en leg er een opgevouwen dekentje in, dan voelt het voor een klein kitten toch knus. Veel kittens slapen trouwens net zo graag in een kartonnen doos of op je bank. Welke soorten er zijn, van kattenhol tot vensterbankmand, staat in de beste kattenmand kiezen.
Krabplank en krabpaal
Kittens krabben al jong, en in die periode leren ze wat mag. Zet dus vanaf de eerste dag iets neer waar het wel mag. International Cat Care noemt platte en schuine kartonnen krabbers geschikt voor kittens, omdat ze weinig weerstand geven. Begin met een plat krabkarton en een lage, stabiele paal. Zodra je kitten groter wordt, koop je er een hogere bij waarop hij zich helemaal kan uitrekken. Wiebelt een paal, dan laat een kat hem links liggen.
Hoe hoog, welk materiaal en waar je hem neerzet, lees je in onze gids over de beste krabpaal voor je kat. Voor een groot ras is er krabpaal voor grote katten. Begint je kitten toch aan de bank, kijk dan bij kat krabt meubels.
Speelgoed
Een kitten wil jagen, sluipen en springen. Een paar keer per dag tien minuten spelen met een hengel maakt hem moe en leert hem dat hij op het speeltje mag bijten in plaats van op je handen. Daarnaast is het fijn als hij iets heeft om zelf mee te spelen, zoals balletjes of een speelbaan. Laat speeltjes met touwtjes, veren of elastiek niet slingeren als je weg bent. Een kitten kan stukjes inslikken. In onze gids over interactief kattenspeelgoed staat welk speelgoed echt bezighoudt.
Reismand
De reismand heb je als eerste nodig, want je haalt je kitten erin op. Daarna gebruik je hem voor elke rit naar de dierenarts. Kies een stevige mand met een opening aan de bovenkant. Bij de dierenarts kun je je kitten er dan van bovenaf uit tillen in plaats van hem eruit te moeten trekken. Koop meteen de maat voor een volwassen kat. Welke manden we aanraden, staat in de beste reismand voor je kat. Laat de mand thuis gewoon open staan met een dekentje erin. Dan wordt het een vertrouwde plek en geen teken dat er iets naars komt. Tips daarvoor staan in een moeilijke kat in de reismand krijgen.
Borstel en nagelknipper
Royal Canin zet een borstel, vlooienkam, nagelknipper en tandenborstel op de lijst. Die heb je niet allemaal op dag één nodig. Begin wel vroeg met wennen. Een kitten dat leert dat borstelen en pootjes vasthouden niets engs is, laat dat als volwassen kat veel makkelijker toe. Begin met een zachte borstel en een paar seconden per keer. Welke borstel past, lees je in de beste kattenborstel voor kortharige katten. Hoe je nagels knipt zonder in het leven te knippen, staat in nagels van je kat knippen.
Dierenarts, vaccinaties, ontwormen en chip
Het eerste bezoek
Het LICG raadt aan je kitten binnen 48 uur na thuiskomst door je eigen dierenarts te laten controleren. Univé houdt de eerste week aan. Neem de papieren mee die je bij het ophalen kreeg. De dierenarts kijkt je kitten na, maakt een vaccinatieschema en vertelt je hoe vaak je moet ontwormen en tegen vlooien behandelen. Wil je een huisdierenverzekering, dan sluit je die volgens het LICG het beste direct na dit bezoek af.
Vaccinaties
Een kitten krijgt een reeks prikken tegen kattenziekte en niesziekte. Het LICG noemt dit schema:
| Prik | Leeftijd |
|---|---|
| Eerste vaccinatie | 8 tot 9 weken |
| Tweede vaccinatie | rond 12 weken |
| Derde vaccinatie | rond 16 weken |
| Herhaling | tussen 6 en 12 maanden |
Haal je een kitten van 13 weken op, dan heeft hij dus meestal twee prikken gehad en moet de derde nog. Kijk in het paspoort welke prikken er al zijn gezet en wanneer, en neem dat mee naar je dierenarts. Daarna gaat je kat minstens één keer per jaar langs voor een controle.
Ontwormen en vlooien
Kittens raken vaak al via de moedermelk besmet met spoelwormen. Daarom worden ze vaker ontwormd dan volwassen katten. ESCCAP, de Europese organisatie van parasitologen, adviseert om kittens vanaf drie weken elke twee weken te ontwormen tot ze gespeend zijn, en daarna elke maand tot ze zes maanden oud zijn. Daarna hangt het af van hoe je kat leeft: een binnenkat minder vaak dan een kat die buiten jaagt. Vraag de fokker wanneer de laatste kuur was en spreek de rest af met je dierenarts. Meer uitleg staat in ontworming bij kittens.
Ook bij vlooienmiddelen geldt per middel een minimumleeftijd en een minimumgewicht. Volg altijd de bijsluiter of het advies van je dierenarts. Welke middelen er zijn, lees je in het beste vlooienmiddel voor je kat.
Chippen en registreren
In Nederland is chippen voor katten nog niet verplicht. Er zijn plannen voor een chipplicht, maar volgens de RVO (oktober 2026) is er nog geen datum. Doe het toch. Een gechipte kat die wegloopt of gevonden wordt, komt veel sneller weer thuis. Vaak is je kitten al gechipt als je hem ophaalt. Zet de registratie dan zo snel mogelijk op jouw naam. Het LICG raadt een databank aan die aan chipnummer.nl gekoppeld is, want daar zoeken vinders en dierenartsen als eerste. Chippen en registreren kost volgens het LICG ongeveer € 40 tot € 50. Ga je met je kat naar het buitenland binnen de EU, dan is een chip wel verplicht.
Castreren of steriliseren
Het LICG noemt 4 tot 6 maanden als gebruikelijke leeftijd. Vroeg castreren op 2 tot 3 maanden kan ook, vraag je dierenarts naar de voor- en nadelen. Een kitten dat later naar buiten mag, laat je pas gaan als hij gecastreerd of gesteriliseerd is en zijn vaccinaties rond zijn. Meer daarover in wanneer katten steriliseren en wanneer katten naar buiten.
Later: als je kitten groter wordt of naar buiten gaat
Deze spullen hoef je niet in de eerste week te kopen. Ze komen pas aan de beurt als je kitten groeit of buiten gaat verkennen.
- Kattenluik met chip. Zodra je kat zelf naar buiten mag. Een luik dat de chip leest, laat alleen jouw kat binnen en houdt de buurkat buiten. Welke past, lees je bij kattenluik met chip.
- Gps-tracker. Pas als je kat zwaar genoeg is. Fabrikanten noemen zelf een minimumgewicht, Tractive bijvoorbeeld 3 kilo. Voor een kitten is een tracker meestal te zwaar. Meer in onze gids over een gps-tracker voor je kat.
- Kattentuigje. Wil je je kat aan de lijn laten wandelen, dan kun je binnen al oefenen als je kitten een paar maanden oud is. Kies een klein, verstelbaar tuigje. Zie het beste kattentuigje.
- Hogere krabpaal of kattenboom. Zodra je kitten over de kleine paal heen groeit.
- Volwassen voer. Rond 12 maanden. Bij grote rassen zoals de Maine Coon rond 15 maanden. Wanneer een kat echt volwassen is, lees je bij wanneer is een kat volwassen.
Komt je kitten bij een kat die je al hebt?
Dan heb je meer nodig dan voor één kat. Reken met één kattenbak per kat plus één extra, dus drie bakken voor twee katten. Geef je kitten een eigen voer- en waterplek, zodat hij niet bij je oudere kat hoeft te eten. Houd ze de eerste dagen gescheiden, met de kamer van je kitten als eigen basis. Hoe je ze stap voor stap aan elkaar laat wennen, lees je in een kitten bij een oudere kat.
Wat kost een kitten het eerste jaar?
Het LICG rekent met gemiddelde prijzen van september 2025. Bij de eenmalige kosten zit naast de aanschaf € 415 voor castratie of sterilisatie (gerekend met een poes), manden, een krabpaal, twee kattenbakken, voer- en drinkbakjes, speeltjes, een borstel en een reismand. De jaarlijkse € 1.270 is voor voer (nat en droog), kattenbakvulling, de jaarlijkse vaccinatie met consult en parasietenbestrijding.
| Soort kat | Eenmalig (aanschaf en spullen) | Per jaar | Eerste jaar |
|---|---|---|---|
| Kat zonder stamboom | € 665 | € 1.270 | € 1.935 |
| Kat uit een Nederlands asiel | € 595 | € 1.270 | € 1.865 |
| Kat met stamboom | € 1.565 | € 1.270 | € 2.835 |
Niet meegerekend zijn onverwachte dierenartskosten, een verzekering, chippen en registreren (ongeveer € 40 tot € 50), een kattenluik (ongeveer € 60), het pension als je op vakantie gaat en nagels laten knippen. Houd daar dus wat ruimte voor.
Wat je (nog) niet nodig hebt
- Koemelk. Vers water is genoeg. Veel katten verdragen de lactose in koemelk slecht.
- Een mand op kittenmaat. Over een paar maanden past hij er niet meer in.
- Een gps-tracker of kattenluik. Pas als je kat naar buiten gaat en groot genoeg is.
- Een kast vol speelgoed. Een paar speeltjes die je afwisselt, blijven langer interessant dan een mand vol die altijd rondslingert.
Een kant-en-klaar kittenpakket of startpakket kan handig zijn als je alles in één keer wilt hebben. Kijk dan wel na wat erin zit. Heeft de kattenbak een lage instap, is het voer een volledig kittenvoer en is de krabpaal stevig genoeg? Vaak is het slimmer om de kattenbak, de reismand en de krabpaal los te kopen en alleen de kleine spullen in een set te nemen.
Nog een naam nodig voor je nieuwe huisgenoot? Kijk bij de leukste kattennamen.
Veelgestelde vragen
Wat heb je nodig voor een kitten?
Op de eerste dag een reismand, kittenvoer, een voerbak en waterbak, een kattenbak met lage instap, vulling en een schepje, een slaapplek, een krabplank of lage krabpaal en een paar speeltjes. In de eerste week ga je naar de dierenarts en zet je de chip op je naam. Een kattenluik, tuigje of gps-tracker komt later.
Wat kost een kitten het eerste jaar?
Volgens het LICG kost een kat zonder stamboom het eerste jaar gemiddeld ongeveer € 1.935, een kat uit het asiel ongeveer € 1.865 en een kat met stamboom ongeveer € 2.835. Daarin zitten de aanschaf, spullen, castratie of sterilisatie, voer, vulling, vaccinatie en parasietenbestrijding. Onverwachte dierenartskosten en een verzekering komen erbij.
Hoe oud moet een kitten zijn als je hem ophaalt?
Wettelijk mag het vanaf 7 weken, maar het LICG vindt dat te jong en raadt minstens 13 weken aan. Stamboekverenigingen houden meestal 13 tot 14 weken aan. Een kitten heeft dan meer geleerd van zijn moeder en nestgenoten en heeft al een deel van zijn vaccinaties.
Hoeveel kattenbakken heb je nodig voor een kitten?
De vuistregel is één bak per kat plus één extra. Voor één kitten zijn dat er dus twee. In de eerste dagen, als je kitten nog op één kamer woont, is één bak genoeg. Zodra hij door het huis mag, zet je de tweede bak op een andere rustige plek.
Wanneer moet een kitten naar de dierenarts?
Het LICG raadt aan om binnen 48 uur na thuiskomst te gaan. Je dierenarts controleert je kitten, maakt een vaccinatieschema en spreekt met je af hoe vaak je ontwormt. De vaccinaties volgen rond 12 en 16 weken, met een herhaling tussen 6 en 12 maanden.
Moet ik mijn kitten laten chippen?
In Nederland is het nog niet verplicht. Wel sterk aan te raden. Een chipplicht voor katten is in de maak, de datum staat nog niet vast. Een gechipte kat die zoekraakt, komt veel sneller thuis. Zet de registratie op jouw naam in een databank die aan chipnummer.nl gekoppeld is.
Vanaf wanneer mag een kitten naar buiten?
Pas als de vaccinaties rond zijn en je kitten gecastreerd of gesteriliseerd is. In de praktijk is dat meestal vanaf ongeveer zes maanden. Vraag je dierenarts wat voor jouw kitten geldt.


